Nieuws, nieuws, nieuws …. Mijn derde boek, Het Verkeerde Pad, wordt uitgegeven.

Hoe ontstond het idee achter ‘Het Verkeerde Pad’?

Ik was druk bezig met het schrijven van de Lotte en Tyler reeks. Hoopte ooit een uitgever te vinden, maar dat lag nog besloten in een verre droom, waarvan ik verwachtte dat die nooit zou uitkomen.

Toen zag ik een schrijfwedstrijd. Een novelle met maximaal 30000 woorden. Het thema was vrij, met het vooruitzicht dat een heuse uitgever het zou uitbrengen, dat wil zeggen, mocht je de winnaar zijn.

Een ongeduldige hoofdpersoon liet me vanaf dat moment niet meer met rust. Ze wilde gehoord worden, mopperde, stampte en zuchtte in mijn hoofd. Ik stortte me op Chrystel. Ook dit boek komt voort uit een aantal korte verhalen. Ze zijn verwerkt in de proloog, een mysterieuze brief en een droom uit het verre verleden. Het is een op zichzelf staand boek en gaat over een eigenzinnige, pittige jonge vrouw. Zij ontdekt dat haar leven op een leugen is gebaseerd.

Helaas werd in die tijd ons eigen leven ondersteboven gekeerd en verliep alles anders dan gepland. Het leek wel een achtbaan waar we in terecht kwamen. We moesten verhuizen en besloten een nieuwe start in een andere stad te maken. Ik had wel wat anders aan mijn hoofd dan schrijven. Maar zoals het gaat in het dagelijkse bestaan, uiteindelijk kwamen we in rustiger vaarwater terecht.  

Ik schreef het manuscript af. De einddatum van de schrijfwedstrijd was natuurlijk allang verlopen. Ik vond het prima, dan was ik ook niet meer aan het kleine woordenaantal gebonden. Het kostte me wel enige moeite. Ik had maar één hoofdpersoon en één verhaallijn, dat was even wennen. Ik borg de eerste versie netjes op in ‘the Cloud’ en ging verder met Lotte en Tyler.

Inmiddels is het vijf jaar later en is mijn droom werkelijkheid geworden.

Op de dag van de lancering van ‘Een Moment In Tijd’, zei ik tegen mijn uitgever. Ik heb nog een manuscript liggen. Heel iets anders. Het gaat over een heks.

‘Waarom heb ik dat nog niet?’ vroeg ze ietwat verbaasd. Verheugd over haar spontane reactie, wilde ik er toch eerst zelf even doorheen. In de voorafgaande twee jaar, bij de redactie van mijn eerste boek, had ik heel wat bijgeleerd.

In de eerste redactiefase van het tweede boek van Lotte en Tyler; ‘Onzichtbare Grenzen’, herschreef ik Chrystel. Ze had te weinig diepgang, vond ik. Het verhaal was te afgeraffeld. Als een kangoeroe hupte ik met grote sprongen door de hoofdstukken heen, te gericht op een korte novelle, ook al had ik het woordenaantal inmiddels meer dan verdubbeld er kwam nog heel wat bij.  

Deze week ontving ik een mail van mijn uitgever, Ambilicious. Eind 2023 is de verwachte uitgeefdatum van ‘Het Verkeerde Pad’.

En eind dit jaar wordt ‘Onzichtbare Grenzen’ uitgegeven. Een dubbel feestje dus!

Het morsige condoom

De wodka brandt een weg door haar keel. Zij, Sabrina de koelbloedige advocate, drinkt zich moed in. Ze plakt de postzegel op de envelop. Ietwat scheef. Fronsend staart ze ernaar. Het moet maar. Meteen naar de brievenbus, morgen bedenkt ze zich.

Het is ver na middernacht. Haar naaldhakken tikken op de stoeptegels. Met ingehouden adem duwt ze de brief in de bus. Nu is er geen weg meer terug en ze laat de lucht uit haar longen ontsnappen. Een frisse wind doorbreekt haar benevelde toestand. Waar is ze in vredesnaam mee bezig? Ze wringt haar hand door de gleuf, kan er niet bij, ze stampt. Een hak breekt af.
‘Verdorie!’ Misschien heeft ze geluk en woont hij er niet meer. Op het internet kan ze nergens iets van hem ontdekken en juist zij is erin bedreven verdwenen personen op te sporen. Zijn adres zit in haar hoofd, al meer dan dertig jaar. Misschien is hij getrouwd. Dat was de belangrijkste reden om later geen contact op te nemen. In haar beroep is ze meer dan een ander ervan bewust wat de gevolgen van een scheiding zijn.
Ramon vertegenwoordigde alles wat ze zelf niet had. Een innerlijke passie. Met een intense gedrevenheid leefde hij op zijn boerderij. Een paar kippen, geiten en een groentetuin. Een ezel, waar hij eens per maand het smalle pad langs de kliffen mee afdaalde om boodschappen te doen. Soms verkocht hij een schilderij. Ramon leefde bij de dag. Hij zou nooit ergens anders kunnen aarden, vertelde hij haar.
Smoorverliefd, was ze. Onbezonnen. Het morsige pakje condooms vond hij ergens in een lade. Al bij de eerste wilde vrijpartij scheurde er eentje. Het kon haar niets schelen. Ze wilde hem en was bereid alles daarvoor op te geven. Nooit meer heeft een man op die manier tot haar kunnen doordringen. Nooit meer heeft ze zich zo volledig aan iemand gegeven.
Terug in Nederland begon ze te twijfelen. Zij was niet de persoon om ergens aan de rand van de wereld haar leven te leiden. De verliefdheid zou zakken en ze zou zich doodvervelen. Hem verwijten dat ze niets met haar leven had gedaan. Haar kansen zou hebben vergooid. Ze kende hem niet eens echt. Door een roze bril had ze zich maar wat graag laten verleiden.
De gevolgen lieten niet lang op zich wachten. Haar ouders betaalden haar opleiding, maar hadden geen zin in een schreeuwende baby. Ze begrepen niet dat ze zich zo door haar gevoel had kunnen laten leiden met haar normaal zo gezonde verstand. Overdag vond ze een baan in een magazijn waar een kinderopvang bij inzat, in de avonden en nachten studeerde ze. Met haar dochtertje woonde ze in een tweekamerappartement in een achterstandswijk. Het opende haar ogen, ze zag haar bevoorrechte positie en nam zich voor haar zware studie te volbrengen. Dagelijks verdrong ze haar verlangen naar hem.
Ramona lijkt in alles op hem. Haar bevlogenheid. Haar temperament. Haar blik, als ze ergens haar zinnen op heeft gezet. Ze is naar Griekenland afgereisd, haar vader zoeken. Dat was de aanleiding van deze brief, een opvliegende dochter waar hij geen weet van heeft. Het had een zakelijk bericht moet worden.
Sabrina schopt haar schoenen uit. Op blote voeten gaat ze naar huis. Het voelt bevrijdend.

Vanuit de werkkamer staart Sabrina naar haar tuin. In tegenstelling tot haar strak ingerichte huis is het een explosie van bloeiende planten en struiken. Sinds vorige week kan ze zich nergens op concentreren. Hoe haalde ze het in vredesnaam in haar hoofd om hem zo haar innerlijke belevingswereld te vertellen? Keer op keer vliegt het schaamrood naar haar kaken. Ze heeft zelfs de post benaderd. De brief was onderweg, daar konden ze niet aan beginnen, zei een ongeïnteresseerde medewerker. Ze slaapt slecht, voortdurend zit Ramon in haar gedachten. Misschien herinnert hij zich haar niet eens meer. Geen enkele optie voelt bevredigend.
De bel gaat.
‘Ik ga wel, roept ze naar de interieurverzorgster.
Bij de camera staat een bloemist, verscholen achter een enorm boeket. Haar hart klopt een paar slagen sneller. Ze drukt op de knop en het hek schuift opzij.
Een goedgeklede man komt het grindpad op. Zijn donkere haardos is grijs aan de slapen. Een korte baard, een verweerd gezicht. Ze herkent hem aan zijn ogen, zijn ondeugende en tegelijkertijd vastberaden blik.
Sabrina houdt zich aan de deurpost vast, ze vertrouwt haar benen niet meer.
‘Ik kom je halen.’ Is het enige wat hij zegt voordat hij haar in zijn armen neemt.

Boekennieuws … nieuws … nieuws …

‘Onzichtbare Grenzen’, het tweede boek van Lotte en Tyler is door de eerste redactiefase heen en wordt nu onder de loep genomen door een proeflezer. Het is net zo’n onstuimige dikke pul als zijn voorganger, vol avontuur, spanning en onverwachte wendingen.

Hoe gaat het verder met Lotte? Heeft de traumatische ervaring van haar gevangenschap en de vlucht door het regenwoud in Thailand geen sporen achtergelaten? Kan zij haar belofte aan Granny waarmaken? Het mystieke Afrika reikt naar haar. Of raakt ze verstrikt in andere obstakels op haar pad?

En Tyler? Hij staat voor een nog grotere uitdaging. Zal het hem lukken deze te volbrengen? Australië, zijn thuisland, vraagt meer van hem dan hij ooit heeft kunnen vermoeden. De roots van zijn vader verpletteren hem.

Ellen, Lottes zus, maakt kennis met haar Schotse familie. Is zij er wel tegen opgewassen?

Dit is nog maar het topje van hun omvangrijke en turbulente leven …

Het eerste boek, ‘Een Moment In Tijd’ nog niet gelezen? Geeft niet hoor. Alles komt altijd op het juiste moment. Dat is online overal verkrijgbaar. Ook als e-boek.

Wedstrijd; Verhalen Van Verlangen

Zondag 12 september lanceerde Marceline de Waard het e-book ‘Verhalen van Verlangen’. Dertien prachtige verhalen uit de zomerwedstrijd met het thema Verlangen, elk op zijn eigen wijze uniek, samen in een bundel. Plus een veertiende verhaal van Marceline om het geheel te vervolmaken.

Een Moment In Tijd

Inkijk-exemplaar

Voor mensen die mijn boek nog niet gelezen hebben, maar wel nieuwsgierig zijn, heb ik een inkijk-exemplaar op mijn website geplaatst.

Wil je graag weten hoe het verder gaat?

‘Een Moment In Tijd’ is online te koop en bij elke boekwinkel te bestellen. Het is ook als e-boek verkrijgbaar.

Vroeger


Het ondergelopen weiland voor hun huis was veranderd in een ijsvlakte. Viel er normaal gesproken niets te beleven aan het einde van de doodlopende weg, met hier een daar een boerderij, was het nu een drukte van jewelste. Zelfs op het erf stonden auto’s.
Met gestrekte benen zat Nienke op een stoel, na lang zeuren mocht ze op het ijs. Haar vader bond de geslepen schaatsen onder haar laarzen. Voordat ze naar buiten mocht, deed haar moeder de capuchon over haar muts en knoopte de sjaal zo strak dat ze bijna stikte. Het wollen vest kriebelde onder haar anorak.
‘Wil je een stoel mee?’ vroeg haar moeder.
‘Nee.’ Ze was toch geen klein kind meer?

‘Als je het koud krijgt moet je naar de kant komen en zwaaien,’ riep haar vader haar na.
Het ijs was veel gladder dan ze in herinnering had. Zonder haar schaatsen op te tillen glibberde ze een paar meter vooruit. Annie — haar jongere buurmeisje — schoot rakelings voorbij, waardoor ze haar evenwicht verloor en op haar achterste belandde.
Het donkere ijs kraakte en zong onder haar stoelpoten toen Annie stopte en omkeerde. ‘Heb jij je pijn gedaan?’ vroeg ze, haar wangen rood van de kou.
Nienke schudde haar hoofd. Op haar knieën hield ze zich aan Annies stoel vast en krabbelde overeind. De snijdende wind blies hen vooruit, steunend op de leuning schuifelden ze erachteraan.
Klaas haalde hun met grote slagen in. ‘Hoi, bleekscheet, ben je eindelijk beter?’
Nienke knikte.
‘Dan kom je volgende week zeker weer naar school,’ riep hij over zijn schouder; weg was hij.
‘Ik ga het alleen proberen,’ zei Nienke, anders vond Klaas haar vast nog een kleuter.
Met maaiende armen zwoegde ze verder. Het ging steeds beter. Een zware hoestbui overviel haar, wiebelig boog ze voorover en de stomme muts schoof half voor haar ogen. Ze kon niet zo goed zien waar ze heen schaatste.

Een lange man in een trainingspak scheerde voor haar langs. Zijn noren vormden een hoopje ijssneeuw toen hij krassend stopte. ‘Daar achter zijn wakken,’ waarschuwde hij. ‘Je moet bij de anderen blijven. Kom mee.’
Vliegensvlug vloog Nienke met hem over het ijs. Ze durfde haar voeten niet eens op te tillen. Haar ogen traanden van de wind. Kort voor de mensenmenigte liet hij haar hand los en met een vaart gleed ze door. Van schrik zette ze haar voeten schuin, ging iets door haar knieën en probeerde af te remmen. Een schaats bleef hangen. Nienke smakte op haar buik. Voor een plank op houten schragen kwam ze tot stilstand. Oranje tentzeil klapperde in de wind.
Iemand tilde haar op, zette haar op een slee en sloeg de sneeuw van haar kleren. Haar blote voet prikte en voelde stijf van de kou. Rillend veegde Nienke met haar wanten het bloed van haar geschaafde tenen. Brullend van de lach kwam Klaas met haar laars en Friese doorloper aan geschaatst. Zijn rode wenkbrauwen waren wit bevroren, zijn sproeten fel oranje.
Ze schaamde zich kapot. Nu vond hij haar vast helemaal een dom wicht.
Boer Jansen stond achter de toonbank en roerde in een dampende pan. ‘Jij lust vast wel chocolademelk, meiske,’ zei hij, en knipoogde.
Voorzichtig trok Nienke de ijskoude sok aan. Ze kreeg haar voet niet eens in de laars, zo’n pijn deden haar tenen.
Boer Jansen kwam achter de toonbank vandaan en gaf haar de chocolademelk.
‘Jongeman.’ Met zijn pollepel wees hij naar haar buurjongen. ‘Jij brengt Nienke zo met de slee thuis, dan verdien je ook een beker.’
Ze glimlachte in haar sjaal. Klaas zou haar thuisbrengen.