De avonturen van MM en Binkie

#1 Persbericht: Incident in de Gr’hof te G’chem.

Vannacht omstreeks twee uur sloeg het noodlot wederom toe. Na een lange tijd van redelijke rust in de wijk vond er weer een daad van agressie plaats. Vermoedelijke dader; de Maine-Coon, Teun.

Op wonderbaarlijke wijze overleefde Muisje de brute aanval. Uit betrouwbare bron weten we dat Muisje achter de Tv-kast vluchtte en daar alsnog gegrepen werd. Door het moedige optreden van een vrouwtjesmens, ze beschermde haar onder een drinkglas tegen de vlijmscherpe kattennagels en onder toeziend oog van de Pers Bliksem, kwam Muisje met de schrik vrij.

De muizenbrigade heeft dan ook besloten om deze poes op de lijst van ‘Zachtaardige Helden’ te plaatsen.

Muisje zit twee blokken verder achter een regenpijp van haar nachtelijke avontuur bij te komen. 

In de wijk is een extra katten-boa-team ingezet. Kater ‘Zwarte Teun’ wordt nauwlettend in de gaten gehouden.

#2 Persbericht: Muisje opgenomen in het knaagdierenhospitaal

Volgens de laatste geruchten blijkt het slachtoffer dat gisteren ternauwernood aan de dood ontsnapte, een huismuis te zijn. In de avond is Muisje met onderkoelingsverschijnselen in het knaagdierenhospitaal – gevestigd in het magazijn van de ALDI – opgenomen. Ze verkeert nog in shock en is nauwelijks tot communiceren in staat, maar wat de muizen-recherche tot nu toe uit haar onsamenhangende verhaal begreep, heeft vrouwtjesmens haar over het balkon gekieperd in de veronderstelling haar hiermee de vrijheid terug te geven. Gelukkig belandde ze in de dichte vegetatie die haar val brak.

Dit in aanmerking genomen, heeft ‘Zwarte Teun’ het huis verdedigd en komt de ‘crime-passion’ in een ander daglicht te staan. We zullen contact moeten opnemen met de rest van de muizenfamilie om de gang van zaken nauwkeuriger in kaart te kunnen brengen.

Op dit moment wordt een speciale muizengevechtseenheid samengesteld om de woning binnen te dringen. Het vraagt een bijzondere tactiek. Er wonen niet één maar twee katten en ondanks dat ‘de Pers’ een zachtaardig wezen lijkt te zijn, moeten we de situatie niet onderschatten.

#3 Update Muisje: Een complexe zaak

Muisje – ter observatie nog in het ziekenhuis – beweerde op reis te gaan in de nacht van vijftien december. Ze had het appartement via de spouwmuur en een luchtrooster verlaten. Buiten viel ze in de klauwen van ‘Zwarte Teun’. Om redenen die ons nog niet duidelijk zijn, nam hij haar tussen zijn kaken mee terug naar binnen. Mannetjesmens was hierover niet te spreken. Het slaapgebrek brak hem op en de stress van het vangen van Muisje had hem aangegrepen. Hij eiste dan ook dat het muizennest verwijderd werd om verdere problemen te voorkomen. Het is het natuurlijke instinct van Teun, nam hij het voor zijn kater op.

Vader muis had in de bewuste nacht het spektakel boven op de slaapkamerdeur gevolgd, doodsangsten uitgestaan, en beaamd dat vrouwtjesmens Muisje inderdaad netjes naar beneden had gebracht, zoals zij beweerde. Toen hij eindelijk beneden aankwam was zijn dochter in geen velden of wegen meer te bekennen. Een verhuizing wil hij niet overwegen, alleen al gezien de woningnood, bovendien wonen hij en zijn gezin er al langer dan dit mensenstel. De term ‘muizennest’ vindt hij neerbuigend.

Op de vraag of Muisje was weggelopen reageerden vader en moeder muis nogal gesloten. We overwegen dan ook om het muizen-jeugdwerk in te schakelen.

‘Zwarte Teun’ is inmiddels weer verdacht. Hij had niet het recht Muisje te vangen, tenzij hij haar naar haar familie wilde terugbrengen. Vader muis had de moordzuchtige blik in zijn groene ogen gezien en is ervan overtuigd dat de Maine-Coon zijn dochter wilde opeten.

Deze zaak dreigt uit de hand te lopen.

#4 Update Muisje: Rechercheur onwel.

De PD Unit is afgewezen, evenals forensisch onderzoek, er is per slot van rekening geen moord gepleegd, was het argument. Het slachtoffer kwam met de schrik vrij, daarnaast is G’chem slechts een slaperig provinciestadje, de ‘crime-scene’ bevindt zich in de grote steden.

Rechercheur Piep was er niet over te spreken, sterker nog hij had er zwaar de pest over in. Hij benadrukte dat er in het voorjaar een golf van agressie met de nodige moorden had plaatsgevonden en wegens personeelstekort kwam de verdachte “Zwarte Teun” wegens gebrek aan bewijs vrij. Nu heeft hij eindelijk een getroffene die het kon navertellen, maar wordt zijn onderzoek van hogerhand tegengewerkt.

De slachtofferlijn wordt platgebeld. Door ‘Zwarte Teun’ hij begrijpt niet wat hij verkeerd gedaan heeft. Door de ouders van Muisje, ze voelen zich geïntimideerd door het ‘mensenstel’ en door Muisje, ze zegt inmiddels een dubbel slachtoffer te zijn, namelijk, eerst de brute aanval van de kater en nu heeft ze ook nog eens jeugdzorg op haar dak.

Rechercheur Piep is met hartritmestoornissen in het knaagdierenhospitaal opgenomen en kwam daar met Muisje in contact. Ze heeft een lichte hersenschudding opgelopen van een zak bintjes die op haar kop landde. Gelukkig heeft een welwillende lezeres meteen actie ondernomen. Met de eerstvolgend bevoorrading van desbetreffende supermarkt waar het ziekenhuis is gevestigd, heeft ze een helm meegestuurd.

Muisje is haar zeer dankbaar en overweegt een motor te kopen om deze terreurstad achter zich te kunnen laten.

#5 Update Muisje; samenvatting gesprek Muisje en rechercheur Piep.

Muisje beweerde thuis stapelgek te worden. Tegenwoordig kan ze geen kant meer op en verveelt ze zich dood, aldus haar eigen woorden. Met al haar broertjes en zusjes zit ze opgesloten in hun benauwde onderkomen achter een stoffige plint. Vroeger ging het mensenstel in de ochtend weg en kwam pas tegen de avond weer terug. Nu zitten ze de hele godganse dag thuis naar een scherm te turen, daardoor is het niet meer mogelijk om het aanrecht op lekkere hapjes af te schuimen, of op de vloer in de woonkamer kruimels te scoren. Muisje benadrukte ook dat ze zich niet kan herinneren gezegd te hebben dat ze over het balkon gekieperd is.

De getergde rechercheur Piep merkte op dat ze dan een goede kandidaat voor de politiek zou zijn. Aan Muisjes blik te zien vond ze dit niet grappig en begreep ze er niets van.

Moeder muis zit in zak en as. Als haar dochter per se op reis wil, met een motor nog wel, dan zal ze toch eerst haar eigen kostje moeten verdienen. Een beetje gemeen opperde ze dat Muisje misschien in het knaagdierenhospitaal zou moeten gaan werken. Zonder kleerscheuren daar aan te komen bleek al een heel avontuur te zijn en het is maar een paar straten verder.

Kater Teun loopt naast zijn kussentjes na de opmerking van een lezeres dat ze hem een ‘loverboy’ vindt. Het komt vast door zijn imposante figuur, meende hij spinnend. Helaas reageerde Bliksem nogal schichtig op zijn toenaderingspogingen. De Pers was niet erg gecharmeerd.

#6 Update Muisje: Onvermurwbaar

De Maine-Coon kwam vanochtend doorweekt thuis en het regende niet eens. De ijspegels hingen aan zijn snorharen. Hem was het knaagdierenhospitaal ter ore gekomen, zo blijkt. Bij de ALDI aangekomen werd hij opgewacht door een bataljon van muizenvrijwilligers met waterpistolen; deze tip is vanuit Berlijn overgewaaid.

Teun is niet aanspreekbaar, zei mannetjesmens. Hij ligt op zijn troostdekentje. Zodra hij is opgedroogd, krijgt hij wat lekkers. De Pers reageerde jaloers. Op het toetsenbord van vrouwtjesmens ging ze haar kont likken.

Muisje wil best gaan werken voor de kost, maar vindt het muizenhospitaal niet de aangewezen baan. Het is er levensgevaarlijk, liet ze haar moeder weten. Ze had al bijna haar nek gebroken. Overal staan muizenvallen met overheerlijk geurende kaas. Het water liep haar in de bek. Het zijn martelwerktuigen, waarschuwde verpleger Spitssnuit. Je kwam niet eens aan je hapje toe, tsjakka … En dan die lokdoosjes; de hele dag moet je de drang weerstaan niet een snoepje te bietsen, maar het vooruitzicht dat er alleen maar een vloerkleedje van je velletje overblijft, is muisonterend.

Nee, Muisje wil er een jaar tussenuit. Desnoods te voet, zoals haar oom Binkie ooit deed.

Rechercheur Piep heeft de rest van het jaar vakantie opgenomen. In alle rust wil hij kerst vieren, daarna gaat hij stappen ondernemen. Het is toch te gek voor woorden dat al zijn aanvragen worden afgewezen. Hij voelt zich gediscrimineerd.

# 7 Update Muisje; crowdfunding.

De jeugd van huismuizen staat volledig achter haar, ze herkennen zich in haar belemmeringen en is een crowdfunding opgestart voor de motor van Muisje. Vanuit het hele land wordt gedoneerd. Helemaal nadat Muisje verklaarde haar achter-achter oom Binkie te willen opzoeken. Hij is de zwerver in de familie, een zeeman. Nu is hij met pensioen en teruggekeerd naar de schuur van zijn jeugd. Daar brengt zijn dagen door in overpeinzing van zijn avonturen.

Vader Muis ziet het met lede ogen aan. De broer van zijn grootvader romantiseert zijn belevenissen en brengt de jeugd het hoofd op hol met het reisvirus. Het is weliswaar niet zo besmettelijk als het onder de mensen heersende virus, maar voor de naaste familie emotioneel net zo schadelijk. Al meerdere neven zijn in zijn voetsporen getreden, van sommigen is niets neer vernomen. Dat zijn dochter nu ook de wijde wereld intrekt kan hij niet verkroppen.

Jeugdzorg zegt weinig te kunnen uitrichten. Muisje heeft binnenkort de volwassen leeftijd bereikt en er is zo’n wachtlijst dat ze dit geval verder niet in behandeling nemen. Tenslotte, het muizengezin kan niets worden verweten. Er is geen sprake van fysieke bedreiging of emotionele verwaarlozing. Sterker nog, Muisje is in een liefdevolle omgeving opgegroeid. Het leven zal haar leren wat ze achterlaat.

Muisje brengt de kerstdagen thuis door. Zodra ze haar motor heeft, vertrekt ze. De voorwaarden zijn echter wel dat ze moet gaan vloggen, daarom heeft ze een smartphone van de Kerstman gevraagd.

Moeder Muis lijkt zich bij de situatie neer te leggen nu ze weet dat ze haar dochter via de sociale media kan volgen.

#8 Update Muisje: Zwarte Teun mishandeld.

Vanochtend kwam ‘Zwarte Teun’ bloedend en met kale plekken in zijn vacht het appartement binnen gestrompeld en ging schichtig op zijn toren liggen. In eerste instantie meende vrouwtjesmens dat hij met een andere kat gevochten had. Mannetjesmens beweerde echter dat hij door een muizen-patrouille is aangevallen, zo toegetakeld heeft hij hem nooit eerder gezien en eist dan ook dat er een onderzoek begonnen wordt.

Muisje spreekt hem tegen en zegt dat het hoogstwaarschijnlijk is een criminele muizengroep is. In het knaagdierenhospitaal heeft ze gesprekken opgevangen dat er hangmuizen in het nabije park zijn die de buurt terroriseren. Regelmatig worden er gewonden van vechtpartijen in het ziekenhuis opgenomen. Zelfs seniorenmuizen worden lastig gevallen. Je bent je leven niet meer zeker op straat.

Muisje is één januari volwassen geworden en inmiddels met haar motorrijbewijs bezig. Zodra ze daarmee klaar is, vertrekt ze. Ze is helemaal klaar met de buurt.

Vader muis zegt dat zijn dochter in korte tijd erg zelfstandig en wereldwijs is geworden.

Rechercheur Piep heeft beloofd stappen te ondernemen. Met de muizen-ME willen ze het park gaan schoonvegen.

#9 Update Muisje: Dreigbrieven

Zwarte Teun heeft zich op een strategische plek geïnstalleerd, hij kan hiermee de situatie binnen en buiten goed in de gaten houden.

Muisje kan geen kant op. Haar motor, een prachtige knalrode Kawasaki, is gisteren in het magazijn van de ALDI binnengekomen. Magazijnmedewerker Spierbundel, die stiekem een oogje op Muisje heeft, appte een foto van de motor.

Muisje krijgt inmiddels dreigbrieven van de hangmuizen. Naar hun zeggen heeft zij hen verlinkt.

Op het politiebureau rollen de eerste koppen. De hoofdinspecteur is geschorst wegens grove nalatigheid en het tegenwerken van de rechtsorde. Rechercheur Piep heeft op deze vrijgekomen functie gesolliciteerd en maakt een goede kans. Bij de arrestatie van de criminele muizenbende is hij per toeval op een drugspand gestuit.

Hij zal de orde handhaven, sprak hij plechtig.

#10 Update Muisje: Hulp uit onverwachte hoek.

Bliksem de Pers had genoeg van al het gesteggel en wilde eindelijk weer rust in huis. Vanochtend in alle vroegte bracht zij Muisje via het trappenhuis naar beneden. 
Buiten wachtte Spierbundel op haar met de splinternieuwe glimmende motor. 

Muisje ging er als de ‘bliksem’ vandoor, vertelde hij later trots met een knipoog naar de Pers.

De Pers wenst met rust gelaten te worden. Zwarte Teun ligt beledigd op zijn troostdekentje, hij voelt zich door zijn huisgenote verraden en zint op wraak.

Moeder Muis is in alles staten nu haar dochter voor de tweede keer er stiekem tussenuit gepiept is. Diep in haar hart hoopte ze dat Muisje zich zou bedenken, vertrouwde ze ons snikkend toe.

Nu wacht iedereen in spanning op Muisjes eerste blog.

Blog Motor Muisje

#1 Blog: Motor Muisje

Tadaaaa, hier ben ik dan met mijn allereerste blog. Dat vloggen is niet zo mijn ding ben ik de laatste paar dagen achter gekomen, dus ik hoop dat jullie het mij niet kwalijk nemen 😊.

Ik ben op weg naar de kust. Het is verder weg dan ik dacht, maar wat een avontuur en niet helemaal zonder gevaar. De eerste dag werd ik al gelijk gesnapt door een reiger. Roerloos stond hij undercover in de dikke mist. Ik dacht dat mijn hart uit mijn lijf zou springen toen ik ondersteboven boven de sloot hing. Mijn hele muizenleven trok in een flits aan me voorbij, echt waar, en dat gaf me zo’n stoot adrenaline dat ik vocht als een wildeman. Dat is weer het voordeel van veel broertjes.

Een groep veldmuizen kwam me te hulp en met hen ben ik ondergedoken in hun holletje. Daar hebben ze mijn staart verbonden en me nieuwe moed ingesproken, want achteraf had ik flink de bibbers, dat moet ik eerlijk toegeven, ik kon niet meer op mijn pootjes staan.

By the way, ik heb mijn naam veranderd in M.M. de afkorting van Motor Muisje. Dat klinkt wat stoerder.

#2 Blog: M.M. Onderweg

Poeh, poeh, beste volgers, een fan van me in Eindhoven vroeg hoe het met mij ging. Met spanning wacht ze op mijn avonturen. Nou, die beleef ik wel, maar het gaat niet helemaal zoals ik voor ogen had. Ik krijg het behoorlijk voor mijn kiezen. Gisterochtend was het spekglad en woesch, klababber, lag ik op mijn snufferd onder mijn motor geparkeerd. De aarde tolde als een pingpongbal om haar as en het duurde even voor ik alles weer helder zag.

Gelukkig stopte de chauffeur van een pakketbusje, hij hielp me overeind. Mijn velletje was hier en daar geschaafd en mijn ingewanden voelden als moes, alsof ik een geplette hamburger was.

Pakketmuis dropte me bij een garage en nu wacht ik tot de schade aan de motor is gemaakt. De monteur adviseerde me om een nieuwe helm te kopen en een motorpak. Dat laatste vind ik wel stoer, zodra mijn kneuzingen hersteld zijn, ga ik daarvoor op pad.

Oom Binkie had al te horen gekregen dat ik onderweg was en maakte zich ongerust; omdat het zo lang duurde. Hij vond dat ik misschien beter de trein had kunnen pakken, zoals hij vroeger deed, of te voet. Hij is natuurlijk stokoud. Ik ben inmiddels heel nieuwsgierig naar zijn belevenissen.

I am coming. Je flitsende achternichtje. (Wel een beetje kreupel, hihi)

#Blog 3: M.M de Brokkenpiloot

Gistermiddag kwam ik eindelijk zonder verdere kleerscheuren bij oom Binkie aan. Hij zat in een schommelstoel op de veranda, in een beschutte hoek van de schuur waar hij geboren is. Zijn benen onder een wollen deken, een pijp in zijn grijze snuit. 

‘Zo, zo, je hebt de eerste hobbels overleefd, juffie,’ begroette hij mij en knipoogde.

‘Ik heet M.M.’, zei ik een beetje gepikeerd. Ik vond mijn zwarte motorpak nog wel zo stoer.

‘Driemaal is scheepsrecht, EmEm.’ In zijn pientere ogen lag een mysterieuze blik. Hij lurkte aan zijn pijp waar geen rookwolkjes uitkwamen, er zat geeneens tabak in.

Later begreep ik dat hij mijn ongelukken bedoelde. Die stomme reiger en de sliding met mijn motor. Het idee dat me nog iets vervelends zou overkomen, bezorgde mij een ongemakkelijk gevoel.

Oom Binkie is veel en veel ouder dan ik dacht. Hij is de oudste broer van mijn opa — die een nakomertje was, en door zijn zussen is opgevoed — en ondanks zijn hoge leeftijd is oom Binkie de enige die nog leeft.

Mijn neefjes stortten zich op mijn motorbike, poetsten net zo lang tot hij glom als een spiegel en behandelen mij als een idool. Terwijl ik het gevoel heb dat ik nog aan mijn echte avonturen moet beginnen. Maar goed. Het is hier prachtig in de tuin van mijn familie. Ik ben met open armen verwelkomd en mag zo lang blijven als ik wil.

Ha, ik bedenk net, toen ik vorig jaar de eerste keer op weg was, greep Zwarte Teun me bij mijn nekvel. In het Knaagdierenhospitaal kreeg ik een zak bintjes op mijn kop. Hoezo driemaal is scheeprecht?  Inmiddels sta ik in de plus, hihi. Mijn moeder noemde me altijd al een brokkenpiloot.

#Blog 4: M.M bij de familie

‘Dus je bent geïnteresseerd in mijn avonduren, EmEm,’ begon oom Binkie vanochtend. Met de hele familie zaten we op de veranda. Het is hier een gezellige bende met elkaar; zo super chil.

Ik vertelde hem dat mijn volgers ook reuze benieuwd zijn. Oom Binkie dacht dat ik letterlijk gevolgd werd door een motorclub. Een van mijn neefjes legde uit hoe het precies in elkaar zat. Het idee van een motorclub stond me wel aan, en dat ik de leidster ervan zou zijn.  Ik zag het al helemaal voor me 😊.

‘En dan?’ vroeg oom Binkie verder. ‘Wil jij in mijn voetsporen treden?’

Dat vond ik nogal een gerichte vraag. Wat mij betreft, wil ik de hele wereld zien en hoop inderdaad wat nuttige tips van hem te krijgen.

‘Ik ben van een andere generatie’, zei oom Binkie. ‘In mijn jeugd ging alles veel langzamer. En niet te vergeten, ik was een zeeman. Hoe ben jij het van plan met je motor? Blijf je in Europa?’ Hij keek me zo doordringend aan, alsof hij dwars in mijn hoofd kon kijken.

‘Nee, ik wil weg. Echt weg,’ antwoordde ik. Europa is voor oude mensen, dat kan later ook nog doen, dit vertelde ik hem natuurlijk niet. ‘Ik wil wel in Schotland beginnen, dan ga ik gewoon met de ferry. Daar kan ik best in de keuken werken en vandaaruit zie ik het wel.’

Oom Binkie knikte bedachtzaam. ‘In Schotland hebben we een keer schipbreuk geleden.’

‘Wauw, oom Binkie. Wilt u alstublieft uw verhaal vertellen?’ vroeg ik hem. Ik voelde het avontuur al in mijn botten. In mijn verbeelding zag ik het schip tegen de klippen te pletter slaan. Verdrinkende bemanningsleden. Net zoals de Titanic, met man en muis vergaan, drenkelingen die bibberend in de diepte zinken. Super cool.  

‘Ja, ja ongeduldig juffertje, ik moet eerst een middagdutje doen.’ Hij gaapte. ‘En dan begin ik bij het begin.’

Zucht. Het zal wel even duren hier. Nou mam, dan kun je voorlopig rustig slapen.

#Blog 5: Binkies avonturen

(Hier wil ik even bij vermelden dat de verhalen van Binkie enkele jaren geleden door mijn vader zijn geschreven. Het leek me leuk om ze met Muisje te verweven en ze zo onder de aandacht te brengen)

Oom Binkie was vanochtend al vroeg wakker. ‘Alle hens aan dek,’ riep hij fris en monter, en zwaaide met zijn wandelstok. Op de veranda zocht hij naar zijn pijp. Ik vroeg hem waarom hij die wilde hebben, hij rookte er toch niet mee.

‘Deze pijp is van de Boots geweest,’ vertelde hij met weemoed in zijn ogen.

‘De Boots? Wie is dat?’ Mijn interesse was meteen gewekt.

‘De Boots is een oude vriend. Met hem heb ik vele avonturen beleefd. Zijn laatste jaren heeft hij hier gewoond en hier is hij ook gestorven. Als ik met zijn pijp in mijn handen zit, zie ik alle avonturen voor me, alsof ik ze gisteren pas beleefd heb.’

Ik was er stil van. Ik zag ook hoe het hem raakte. Hoe oom Binkie zijn oude vriend nog steeds miste.  

‘Er was eens … Zo beginnen de meeste sprookjes en verhaaltjes. Zo ook dit verhaal,’ begon oom Binkie volkomen onverwachts. Zijn stem klonk een beetje krakerig en zijn ogen staarden naar een punt in de verte. ‘Er was eens een hele mooie grote tuin. In deze tuin bloeiden veel mooie bloemen die heerlijk geurden. Grote varens waaronder je kon schuilen. Bloeiende heesters en struiken waaraan de heerlijkste besjes groeiden.

Achter in de tuin bevond zich een schuur. Hierin werd gereedschap bewaard, tuinstoelen, laarzen, een kruiwagen, bloempotten en nog veel meer nuttige dingen die je in de tuin nodig had. In dit schuurtje woonde ook een muizenfamilie. Vader, moeder en zes kinderen. Het was een gelukkige familie, de tuin was vredig en veilig en ook vonden ze er genoeg te eten.

De oudste zoon was een bijzondere jongen; groot, sterk, onwaarschijnlijk nieuwsgierig en avontuurlijk. Hij nam nooit iets zomaar aan, wilde altijd het hoe en waarom weten. Hij stond altijd vroeg op, dan was de tuin op zijn mooist. Overal hingen dauwdruppels, die likte hij op, heerlijk vond hij dat.

Zo ook deze morgen. De rest van de familie lag nog in diepe rust toen hij buitenkwam. Hij stak zijn neusje in de lucht om al die heerlijke geuren op te snuiven. Maar hij rook een vreemde lucht die hij niet thuis kon brengen. Nieuwsgierig kroop hij onder de struiken vandaan om te zien waar die vreemde geur vandaan kwam.

Op de onderste tak van een hortensia zat de vreemdste figuur die hij ooit had gezien. Een niet meer zo’n jonge rat, hij werd al wat grijs om zijn snuit. Aan zijn voeten droeg hij grote laarzen, om zijn schouders een mouwloos vest met grote zakken, maar het meest vreemde van alles was; hij rookte een pijp …

#Blog 6: M.M & De Rooie, oom Binkie vertrekt

Gosjemikkie, dat overkomt mij weer hoor. Vanochtend zat ik ingeklemd tussen de kaken van ‘De Rooie’, gelukkig was ik nog aardig bij de pinken en trok hem zijn snorharen uit. Aan de linkerkant van zijn neus lijkt hij nu op een geplukte kip. De kater is zo dik en log, waardoor ik meende dat ik hem wel te slim af zou zijn, ik kon namelijk de geur van zelfgebakken brownies die vanuit de keuken de tuin introk niet weerstaan. Het deed me aan thuis denken. Vrouwtjesmens kan zo heerlijk bakken.

Mijn neefjes en nichtjes lagen in een deuk toen ‘De Rooie’ mij blazend liet vallen.

Oom Binkie was not amused, hij noemde me een uilskuiken en een oelewapper. Het kostte me heel wat overredingskracht om hem ertoe te bewegen verder te gaan met zijn verhaal. Pas toen ik herhaaldelijk vroeg wie nu die rare snuiter met zijn pijp was in de tuin lang, lang geleden, ging oom Binkie verder …

Het muisje kwam dichter bij en zei: ‘Goedemorgen mijnheer.’

De vreemdeling keek op en glimlachte. ‘Ook een goede morgen Ketelbinkie,’ zei hij. ‘Je bent al vroeg op.’

‘Ik heet niet Ketelbinkie en trouwens wat is een ketelbinkie?’

‘Dat is het jongste bemanningslid dat zijn eerste reis maakt.’

‘Is u dan een zeeman?’

‘Ja, aan boord ben ik de Bootsman en word Boots genoemd. Dat moest jij ook maar doen, ik heb een hekel aan dat ge’mijnheer.’

‘Dat is goed mijnheer, eh … ik bedoel Boots. Wilt u me vertellen wat het is om een zeeman te zijn?’

De vreemdeling ging eens verzitten, trok genietend aan zijn pijp, blies kleine rookwolkjes uit. ‘De zee is zo mooi jongen, je komt langs vreemde kusten en daar ruikt het naar de heerlijkste specerijen; kruidnagel, koriander, kaneel en de mensen hebben een andere huidskleur. Ze kleden zich bont, vol heldere kleuren. Het eten is heerlijk met al die kruiden en je ziet steden waar de huizen tot in de wolken reiken.’

De jonge muis luisterde met grote oren.

‘Wil je soms met mij mee?’

‘Ja, graag Boots,’ antwoordde de muis.

‘Nou laten we dan maar gaan.’

De Boots stond op, klopte zijn pijp uit op de hak van zijn laars en stopte hem daarna in zijn zak. ‘Zo Binkie, ik ben zover, jij ook?’

‘Ja Boots.’

‘Dan maar ankers op jongen.’

#Blog 7: M.M. & Binkie; gatenkaas en een brede sloot

Nou echt, jullie zullen het niet geloven, vanochtend moest ik voor straf – vanwege mijn recentelijk akkefietje met ‘De Rooie’ – graankorreltjes gaan zoeken in het kippenhok bij de buren. Oom Binkie vond dat ik mijn verwende stadse manieren moest kwijtraken. In eerste instantie dacht ik dat hij een grapje maakte, per slot van rekening had ik mijn schaarse buit met iedereen gedeeld, tot mijn verbijstering meende hij het serieus.

Ik had al een hekel aan die rot haan, elke ochtend voor dag en dauw kukelekuut dat beest me wakker. Daar word ik gewoon gestoord van, maar die kippen zijn ook niet mis. De volgende keer zet ik mijn motorhelm op, die gasten pikten op mijn kop, ik lijk wel een gatenkaas. Mijn tante heeft er pleisters opgeplakt.

Oom Binkie zei dat hij medelijden had met mijn ouders, voor hij verder ging met zijn verhaal …

Het Ketelbinkie en de Boots gingen onder het hek door, hard lopend over een weg. Ze moesten door een droge greppel. Nu stonden ze voor een aardappelveld dat zich uitstrekte zover het oog reikte. Ze kwamen maar moeilijk vooruit, klommen over dikke kluiten en zaten onder de klei.

De jonge muis werd wanhopig. ‘Boots, weet u zeker dat we goed lopen?’

De Boots antwoordde: ‘Ik zal je een lesje navigatie leren. Waar komt de zon op?’

‘Daar,’ wees de muis.

‘Dat is het oosten, en waar gaat hij onder?’

Binkie draaide om. ‘Daar.’

‘Goed, dat is het westen en gezien het feit dat in dit land de zee in het westen is, houd je je neus richting zonsondergang, dan komt het altijd goed.’

‘Ja Boots,’ zei de muis, en hoopte dat de Boots gelijk had.

Een hele tijd ploeterden ze door het veld. Aan het einde kropen ze onder prikkeldraad door en weer een aardappelveld. Het was al laat in de middag toen ze aan het eind kwamen, maar nu stonden ze voor een breed water.

‘Kijk Boots, de zee.’

De Boots lachte spottend. ‘Dit is slechts een boerenkikkersloot, meer niet,’ hij snoof verachtelijk. ‘We moeten er wel overheen.’

#Blog 8: M.M. &Binkie; onderweg

‘Dus u bent gewoon weggelopen?’ vroeg ik aan oom Binkie. ‘Niet dag gezegd. Niets meegenomen. Gewoon met die rare snoeshaan meegegaan.’ Ik was nog steeds gepikeerd dat hij medelijden had met mijn ouders vanwege mij.

‘Precies.’ Hij keek me met een vermaakte blik aan.

‘Zelfs ik ga niet met vreemdelingen mee.’ Uitdagend keek ik terug.

‘Laat me nou maar gewoon mijn verhaal vertellen EmEm, en dan zul je zien dat mijn intuïtie om de Boots te volgen juist was. En wie is er ’s nachts tweemaal tussenuit gepiept?’ Hij knipoogde, en nam daarmee de wind uit mijn zeilen. ‘Ik ben gewoon bezorgd, Muisje. Je bent een huismuis en voor jou is dit avontuur dubbel gevaarlijk, daarom ben ik zo streng voor je. Kom, ik zal verdergaan met mijn verhaal. Ketelbinkie en de Boots moesten over de brede sloot …

Ze liepen langs de wal om een oplossing te zoeken, en ja, daar vonden ze een plank die ze als vlot konden gebruiken. Ze moesten wel zien het vlot te water te laten. Het was zwaar werk voor die twee om beweging in de plank te krijgen. Het was trekken en duwen met alle kracht die ze op konden brengen. Eindelijk kregen ze het vlot bij het water.

‘Nu nog peddels,’ zei de Boots, ‘anders wordt het nog niets.’

Niet ver ervandaan stonden maisplanten.

‘Van die bladeren maken we peddels,’ zei de Boots.

Nu duwden ze het vlot te water. De Boots sprong er als laatste op, gaf nog een ferme zet met zijn gelaarsde been, en met verwoed peddelen bereikten ze de andere oever. Daar gingen ze eerst maar eens uitpuffen.

De Boots haalde een stuk brood en graankorrels uit zijn zak. ‘Dit moeten we delen, meer heb ik niet. Het begint ook al te schemeren, het wordt tijd dat we een veilige slaapplaats vinden.’

 #Blog 9: M.M. & Binkie; Het paard

Na het ontbijt begon oom Binkie meteen te vertellen …

‘Ze klommen de wal op en voor hen lag een weiland dat niet groot was. Aan het einde zagen ze een boerderij. Dit gaf hun energie. Zo snel als hun vermoeide pootjes konden, liepen ze erheen. Het was een groot erf, de schuurdeur stond op een kier.

‘Snel naar binnen,’ zei de Boots.

In de schuur was het schemerdonker, maar het rook wel lekker naar eten.

‘Aha,’ de Boots wees naar de box. ‘Daar staat een paard.’

Vol hoop liepen ze naar het rijdier dat duidelijk stond te duffen.

‘Ahoy maat,’ riep de Boots.

‘Huh, hè, wat?’ vroeg het paard, en keek slaperig naar hun beiden, ‘wat moeten jullie hier?’ ‘We zijn op doorreis. We zijn twee zeelui en moeten naar de kust, we zoeken een schip.’

‘Wel, dan hoef je niet ver meer. Als de wind uit het westen komt kun je de schepen horen.’

Binkie keek vol respect naar de Boots. In de aardappelvelden had hij niet veel vertrouwen meer gehad in de goede afloop van het avontuur. Toch had de Boots feilloos de kust gevonden.

‘Kunnen we hier slapen?’ vroeg de Boots.

‘Ja, wacht maar.’ Met zijn hoef veegde het paard wat stro bij elkaar. ‘Je bedje is klaar. Hebben jullie al gegeten?’

‘Nee, nog niet.’

‘Goed.’ Het paard stak zijn snuit in de voerbak en het regende haverkorrels. ‘Nu moeten jullie geen lawaai meer maken, ik wil slapen, morgen moet ik vroeg op.’

Beide reizigers zochten voldoende graan bij elkaar en gingen stil op hun strobed zitten. Het paard liet zijn kop hangen, sloot de ogen en even later bewees een zacht snurken dat hij sliep.

‘Zo die is onder zeil,’ zei de Boots.

Maar er kwam geen antwoord. Onze kleine muizenvriend was in slaap gevallen met een haverkorrel in zijn pootje.

De Boots glimlachte, zocht wat stro en dekte zijn metgezel toe. Hoe is het mogelijk, zo’n grote flinke jongen en toch nog een beetje een vader nodig. De Boots ging ook liggen, maar het duurde lang voor hij sliep …’

‘U was nog wel erg jong, oom Binkie, toen u met de Boots wegliep,’ zei ik nadien tegen hem.

‘Ja, ja, EmEm, ik was nog een broekie.’

‘En de Boots, hoe oud was hij?’

‘Tja, hij was een heel stuk ouder, hoezo?’ Vragend keek hij mij aan.

‘Nou, dan was hij in overtreding. Misschien was hij wel een pedo.’

Oom Binkie kreeg een rare blik in zijn ogen, zijn snorharen trilden in cirkeltjes en ik was er van overtuigd dat ik een mep zou krijgen, echt waar, maar weten jullie wat hij zei? Als we op een schip zouden zitten zou hij me kielhalen. Geen idee wat hij daar nou weer mee bedoelde.

#Blog 10: M.M. & Binkie; Ruzie

Oom Binkie en ik hadden een heftig gesprek. De emoties liepen hoog op. Hij vond me een brutale snotneus en wilde me als kattenvoer aan ‘De Rooie’ geven, hij was ook niet meer van plan om zijn avonturen met mij te delen. Ik had wel in de gaten dat ik het deze keer goed verpest had en kreeg er buikpijn van.

Gelukkig kwam mijn tante de boel sussen en zei dat ik vanuit mijn oogpunt geen ongelijk had, maar oom Binkie ook niet, zijn gevoel had hem altijd de juiste weg gewezen. We moesten ons verzoenen en respecteren, anders zou de generatiekloof ons uit elkaar drijven.

Ik ben wel met de motor weggeweest, mijn neef Sjakie achterop. Ik wilde die grote aardappelvelden met eigen ogen zien. Sjakie zei dat alles volgebouwd is en toen begreep ik dat oom Binkie uit een ander tijdperk komt waar alles nog gemoedelijker was en iedereen elkaar vertrouwde.

Terug in de tuin zat oom Binkie achter een biertje en ging gewoon verder met zijn verhaal …

De andere morgen werd Ketelbinkie wakker, stak zijn nieuwsgierige snuit naar buiten en moest eerst maar eens nadenken waar hij was. Hij zag de Boots graan bij elkaar zoeken en in een zak stoppen.

‘Goedemorgen Boots. Wat is u aan het doen?’

‘Proviand voor vandaag bij elkaar zoeken,’ bromde hij. ‘Je weet nooit wat de dag brengt.’ ‘Waar is het paard?’

‘Oh, die is al aan het werk. Trouwens, je moet de groeten van hem hebben, hij wenst je een goede reis.’

‘Het is wel een lief paard, hè Boots?’

‘Paarden zijn altijd lief jongen. Ik heb eens op een veetransport gevaren. We brachten paarden naar Zuid-Amerika. Het waren mijn mooiste reizen. Maar schiet nu maar op, als we geluk hebben zijn we laat in de middag bij de haven.’

Wordt vervolgt …